Populisme: appelleren aan en bevorderen van slachtofferschap

Populisme: appelleren aan en bevorderen van slachtofferschap

Inleiding

Er zijn m.i.  twee manieren om volksmassa’s te mobiliseren: een nobel ideaal overtuigend presenteren, of een vijandelijke dreiging. Als het ideaal echt nobel is, wordt er geen vijand benoemd. Gebeurt dat wel, dan verwordt het ideaal tot het bestrijden, verslaan of vernietigen van de vijand. Vast ingrediënt van populisme is: een volksmenner die de volksmassa’s ervan overtuigt dat ze benadeeld of bedreigd worden door een hen vijandige kracht waar ze het slachtoffer van zijn of worden.

“Populisme: appelleren aan en bevorderen van slachtofferschap” verder lezen

Slachtofferschap

Slachtofferschap

inleiding

Er zijn twee soorten slachtofferschap:

  1. Slachtoffer zijn door verlies, ongeluk, gebrek, uitbuiting, discriminatie, etc.
  2. Je gedragen als slachtoffer of de rol van slachtoffer spelen, waarbij men zich beroept op/legitimeert door al dan niet geleden verlies, ongeluk, gebrek, uitbuiting, discriminatie, etc.; hierbij is het onderscheid tussen al dan niet slachtoffer zijn van weinig of geen belang

Dit stuk gaat over de tweede vorm van slachtofferschap, over de communicatieve aspecten van het slachtofferschap en de doelen die daarmee bereikt en gediend kunnen worden.

“Slachtofferschap” verder lezen

De Methodologie van de Oorlog

Het perspectief van de burger

Wie is mijn vijand? Mijn vijand is degene die mij of mijn dierbaren opzettelijk letsel toebrengt of dreigt toe te brengen; het is ook degene die de persoonlijke levenssfeer van mij of van mijn dierbaren schaadt of dreigt te schaden, waarbij levenssfeer zoiets is als vrijheid van denken spreken en handelen (met de aantekening dat mijn vrijheid niet ten koste van die van een ander zou moeten gaan). Mijn dierbaren en ik/ik en mijn dierbaren vormen een wij-groep in engere zin: wij hebben een persoonlijke, emotionele band met elkaar. Er zijn ook wij-groepen in ruimere zin: buurtgenoten, clubgenoten, collega’s, stadgenoten, streekgenoten, landgenoten, werelddeelgenoten, wereldburgers. Zijn degenen die een van mijn wij-groepsleden in ruimere zin belagen, ook mijn vijanden?

“De Methodologie van de Oorlog” verder lezen

Oorlog tegen IS

Oorlog tegen IS

De woede na de aanslagen in Parijs door IS is groot. We moeten echter, behalve het uiten van emoties, ook ons verstand gebruiken. Door de oorlog aan IS te verklaren leggen we de verantwoordelijkheid voor deze ramp volledig buiten onszelf. Het is moeilijk te erkennen dat IS is ontstaan door Westers oorlogsgeweld in het Midden-Oosten voor eigen economisch en machtspolitiek gewin ten koste van de bevolking daar. Het is eveneens moeilijk te erkennen dat discriminatie van moslims in eigen land, het laten ontstaan van broeinesten als bijvoorbeeld de Parijse banlieus en het Brusselse Molenbeek ook tot onze verantwoordelijkheid moet worden gerekend. De oorzaken van de problemen raken niet opgelost door nog meer geweld te gebruiken. Het wordt tijd ook de eigen verantwoordelijkheid voor het geweld in het Midden-Oosten en in het eigen land te erkennen. Een eerlijke analyse van alle oorzaken van het geweld kan het begin worden van een oplossing. De oorlog verklaren aan IS laat onze eigen verantwoordelijkheid voor het geweld onbesproken, terwijl het geweld alleen maar escaleert.

Hoe het Westen met twee maten meet

Hoe het Westen met twee maten meet

De Westerse landen hebben een merkwaardig gevoel van superioriteit ten opzichte van niet- Westerse landen, waardoor ze zich gerechtigd voelen om uit strategische en economische motieven voortdurend invloed te verwerven in landen waar ze niet thuis horen. In dat kader wordt verzet vanuit die overheerste, uitgebuite en door het Westen vaak van een corrupte marionettenregering voorziene landen geduid als terrorisme.

Het Westen mag alles:

  • Atoombommen gooien op steden met vrijwel uitsluitend burgerslachtoffers; dat heet dan bevrijding in plaats van genocide
  • Israël wel illegale kernwapens toestaan uit “zelfverdediging”, maar Iran niet, want die behoort tot de as van het kwaad, vormt een bedreiging voor de vrede en heeft kennelijk geen recht op zo’n soort “zelfverdediging”
  • Oorlog voeren in andere landen om de Westerse wereld te beschermen tegen communisten, islamisten, etc. als dekmantel voor strategische en economische motieven
  • Burgers ombrengen in andere landen en dat afdoen als collateral damage bij het nastreven van een “nobel” doel
  • Manipuleren met taal: Wat wij doen is goed en als anderen dat niet goed vinden en zich verzetten, noemen we dat terrorisme
  • In andere landen iedereen, vriend en vijand, afluisteren; dat heet geen misdaad, geen hoogverraad van vriendschappelijke betrekkingen, geen spionage of diefstal van staats/bedrijfs/privé geheimen, maar dat heet een veiligheidsmaatregel
  • Liegen in de Veiligheidsraad van de VN en ermee wegkomen
  • Etc.

    Dus: Vanuit het “recht” van de sterkste, kan het Westen succesvol meten met twee maten.

    Stelling 2: De grootste bedreiging voor de wereldvrede is de Westerse politiek van overheersing en uitbuiting. Dit gedrag wordt verhuld in allerlei humanitaire termen, in termen van marktwerking of in termen van zelfverdediging; het verzet ertegen wordt terrorisme genoemd, dat uit alle macht bestreden dient te worden

    Stelling 1: Jantje treitert, besteelt en mishandelt Pietje in het geniep; als Pietje daarom boos wordt en zich verweert, roept Jantje: “Meester, Pietje slaat me!” Voor alle duidelijkheid: Elke vorm van geweld van de kant van de zogenoemde terroristen is verwerpelijk; het geweld van de Westerse zogenoemde weldoeners is dat evenzeer onder welke verhullende term het ook wordt gepresenteerd.