Ongezonde artikelen

ONGEZONDE ARTIKELEN

Sporten voor de status

“Doe jij aan sport?” “Ja, ik ga drie keer per week naar de sportschool en ik train voor de marathon”. “Wow, cool!”, hoor je vaak als reactie. Ik zou zeggen: Bewegen is gezond, maar de sporthype van tegenwoordig heeft weinig met gezondheid te maken. Integendeel zelfs. Alle tijd en energie die aan fanatiek sporten worden besteed, worden niet besteed aan reflectie, lezen, je relaties, je emoties, en andere noodzakelijke gezonde activiteiten. Het lijkt eerder een vlucht daarvoor. Wat hebben de fanatieke sporters in hun eigen ogen misdaan, dat ze zichzelf zo moeten tuchtigen? “Dan kun je lekker je hoofd leeg maken”, wordt er beweerd. Je zou haast denken dat het hoofd door relationele en emotionele armoede gewoon altijd al leeg was. Omdat je er bewondering en status mee kunt oogsten, is fanatiek sporten een hype geworden. Kun je nagaan wat een relationele en emotionele armoede er wordt geleden.

John Zant

Afhankelijk of zelfredzaam gemaakt worden

Voorlichting en therapie zijn bedoeld als een leerproces, waarin de patiënt door de deskundige arts of therapeut leert beter met eigen ziekte en gebrek om te gaan. Het doel van het leerproces is zelfredzaamheid te vergroten. In de praktijk echter laten veel artsen en therapeuten hun patiënten onnodig vaak terugkomen, omdat ze nauwelijks aan voorlichting ter vergroting van de zelfredzaamheid doen. Dat is makkelijker en het levert veel geld op. Patiënten laten zich die overmaat aan zorg vaak welgevallen. Dat geeft een veilig gevoel en de behoefte aan aandacht wordt ruimschoots bevredigd. Thuis hoeven ze niet te oefenen, want dat gebeurt wel bij de therapeut. De betreffende artsen en therapeuten voelen zich gestreeld dat ze keer op keer hun rol als geëerd deskundige kunnen blijven spelen, helemaal als patiënten gewagen van “mijn arts” of “mijn therapeut”. Hoe kwetsbaar moeten die ego’s zijn dat ze zich groter voelen over de rug van hun patiënten? In dit spel tussen twee partijen die allebei baat hebben bij een afhankelijkheidsrelatie, gaan miljarden aan gezondheidszorg verloren.

John Zant

Sport”scholen”

De grote vraag is wat je op een sport”school” leert. Wat moet je je voorstellen bij spinning”les”? Mensen bewegen te weinig, dat is zeker zo. Lopen, fietsen, tassen tillen, kracht zetten bij klusjes, etcetera, men kan het wel, maar doet het te weinig. Lopen op de loopband, fietsen op de spinner, her en der wat met gewichten scharrelen, wat leer je dat je nog niet kunt? De termen “school” en “les” zijn misleidend. Het is juist niet de bedoeling dat je iets leert, nl. in je eigen leefomgeving meer bewegen. De sportschool is het doel op zich geworden. Sterker nog, omdat je naar de sportschool gaat, hoef je in je eigen omgeving niet meer te bewegen, want je hebt je prestaties al in de sportschool geleverd. De sportschool maakt mensen afhankelijk. De kassa rinkelt. De sportschoolbezoekers belonen elkaar met elkaars aanwezigheid en zweet, gezien en gezien worden, compleet met speciale outfit. Je bouwt er status mee op en kunt na lang trainen meer gaan lijken op Jerommeke. Tja, er bestaan zelfs vrouwen die breed lachend bekennen dat ze op foute mannen vallen. Tel uit je winst.

John Zant

Tattoos en piercings

Bij sommige mensen kun je met tattoos en piercings indruk maken. Ze vinden het stoer. Ja, dan ben je iemand! Anderen vinden het treurig “kijk-mij-eens”-gedrag en doodzonde van die vaak jonge gave huidjes. Denk ook aan “nieuwe tieten” met een heuse silicon valley, aan opgespoten lippen die je op een ouderwetse Zwarte-Piet doen lijken, en aan eenvormige, strak geopereerde maskers (voorheen persoonlijke gezichten). Je moet toch wel een heel gemankeerd ego hebben, dat je de illusie hebt dat je mooier, stoerder, etcetera bent met al die verminkingen. Of is het gewoon modieuze, decadente ontevredenheid met alles inclusief jezelf?

John Zant

Goeroes

De mens voelt zich onzeker in een wereld waarin veel niet wordt begrepen en gekend. Men zoekt verklaringen, houvast, voorspelbaarheid, controle. Voor een deel lukt dat ook wel door scholing en vorderingen der wetenschappen. Maar voor een groot deel blijven allerlei fenomenen duister en vragen onbeantwoord. In dat gat springen de goeroes die allerlei gedaanten kunnen aannemen: pastoors, dominees, coaches, sterke leiders, influencers, ideologen, voedingsdeskundologen, wondergenezers, etcetera. De goeroes beweren dat ze het onverklaarbare kunnen verklaren, en meer weten dan gewone mensen. Ze geloven in hun eigen beweringen of niet. Dat maakt niet uit, als de volgelingen maar geloof aan hun beweringen hechten. De volgelingen voelen zich gerustgesteld, geborgen, beschermd en laten zich met een comfortabel gevoel afhankelijk maken. In die zin verschillen de afhankelijkheidsrelaties met reguliere gezondheidszorgers niet van die met andersoortige goeroes. Het gevoel macht te kunnen uitoefenen over anderen schijnt erg bevredigend te zijn.

John Zant

Amerikaanse verkiezingen

In november 2020 kiezen de Amerikanen weer hun president.

De republikeinse kandidaat is een opgeblazen windbuil, een man die geen ondersteuning verdraagt behalve van ja-knikkers.

De democratische kandidaat is een lege huls, een man zonder eigenschappen die zonder ondersteuning niet overeind kan blijven.

Arme Amerikanen. Of krijgt elk volk de leider die het verdient?

John Zant

De zesde persoon

De zesde persoon

Bij de dodenherdenking op de Dam waren zes hoogwaardigheidsbekleders. Vijf van hen waren stemmig en ingetogen gekleed. De zesde persoon had zich getooid met een pak met allerlei toeters en bellen. Ik vond deze snoeverij uitermate storend. De koning had zich niet getooid in zijn hermelijnen mantel en droeg geen kroon. Een arts die in het openbaar optreedt heeft zich ook niet volgehangen met tekenen dat hij tientallen, misschien wel honderden mensen heeft genezen. Een loodgieter die talloze mensen uit de nood heeft gered door lekkages te repareren, draagt ook geen tekenen van verdienste. Waarom behangt men elkaar binnen de militaire kaste dan met die protserige snuisterijen? Laten ze, net als artsen, loodgieters en vele anderen die hun bijdrage aan de maatschappij leveren, gewoon hun werk goed doen. Die poppenkast is niet meer van deze tijd. De militaire opsmuk hoort thuis in de verkleedkist.

John Zant

Amsterdam

Korte broek en korte rok

Onze directrice was een vrouw van in de veertig. Zij droeg vaak een korte rok, niet passend bij haar leeftijd en positie. Op een uitzonderlijk warme zomerdag verscheen een collega fysiotherapeut in korte broek op het werk. De directrice eiste van hem zich te verkleden en stelde schorsing in het vooruitzicht bij herhaling. In het volgende nummer van het personeelsblad schreef ik: “Wat is het verschil tussen een korte broek en een korte rok? Het kruis ontbreekt ook nog.”

Het eigen ego strelen over de rug van anderen

Het eigen ego strelen over de rug van anderen

In de “brief van de dag” van maandag 10 december beschrijft een mevrouw, die ondertekent als psychotherapeut, hoe milieubewust zij probeert te leven. Prachtig! Het vervelende is echter, dat zij er niet voor terugdeinst haar buurvrouw, haar collega, een collega van haar zus en haar vriendin als negatieve voorbeelden te presenteren. Zo streelt ze haar eigen ego over de rug van familie, vrienden en bekenden. Dit onderwerp heeft met haar beroep psychotherapeut verder niets te maken en de vermelding ervan dient ook geen ander doel dan het eigen ego te strelen. Het is te hopen dat deze psychotherapeut haar cliënten ook niet voor dit doel gebruikt.

John Zant, Amsterdam

Dafne Schippers

Dafne Schippers

Ik vind Dafne Schippers eigenlijk een beetje zielig. Toen ze nog niet zo beroemd was, was het een mooie, levenslustige meid. Nu is ze verworden tot een soort Michelin-mannetje, gereduceerd tot een ééndimensionaal wezen, dat alleen nog “keihard trainen” kan blaten met een zichtbaar geforceerde glimlach. Ze verpest haar mooie meisjesleven door zich elke dag uren lang te laten afbeulen door mannetjes die zich “coach” durven noemen, en dat alleen om een paar honderdsten van één  seconde harder te kunnen lopen. Iedereen weet dat men over 10 jaar meewarig lacht om die zogenaamde wereldtijden van nu. Haar nieuwe “coach” beweert dat hij haar “wel weer aan de praat kan krijgen”, alsof hij het over een apparaat heeft dat dienst weigert! Vernederender kan het niet. Haar zogenaamde roem voorziet in de behoefte van een stelletje nationaal-chauvinisten, die haar als een baksteen laten vallen, als een andere loopster toch éénhonderdste van een seconde harder blijkt te lopen. Ik zou zeggen: “Meid, je kunt je tijd en energie wel beter gebruiken. Weet je wat? Ga wat leuks doen!”

John Zant, Amsterdam